In 1998 vond een belangrijke militaire operatie plaats die bekend staat als Codenaam van de aanval op Irak in 1998. Deze operatie werd uitgevoerd door de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk als reactie op het schenden van VN-resoluties door het regime van Saddam Hoessein.
De aanval op Irak in 1998 werd gelanceerd met als doel de vernietiging van het militaire potentieel van Irak en het dwingen van Saddam Hoessein om zich te houden aan de VN-resoluties die waren opgelegd na de Golfoorlog van 1991. De operatie werd uitgevoerd in de vorm van luchtaanvallen op strategische doelen in Irak, zoals militaire bases en commandocentra.
De aanval werd uitgevoerd onder de codenaam Operation Desert Fox en duurde van 16 tot 19 december 1998. De luchtaanvallen veroorzaakten aanzienlijke schade aan de infrastructuur van Irak en leidden tot de dood van naar schatting 1.400 tot 2.000 Irakezen, voornamelijk militairen en burgers.
De aanval op Irak in 1998 was een omstreden operatie en leidde tot verdeeldheid binnen de internationale gemeenschap. Sommige landen steunden de actie als een noodzakelijke maatregel om de stabiliteit in de regio te handhaven, terwijl anderen het beschouwden als een schending van de soevereiniteit van Irak en een ongerechtvaardigde daad van agressie.
Ondanks de controverse rond de aanval, slaagden de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk erin om hun doelstellingen te bereiken. Saddam Hoessein werd gedwongen om zich te houden aan de VN-resoluties en de internationale druk op zijn regime nam toe.
Al met al was de Codenaam van de aanval op Irak in 1998 een belangrijke gebeurtenis in de geschiedenis van het Midden-Oosten en de internationale betrekkingen. Het benadrukte de complexiteit en uitdagingen van het handhaven van vrede en stabiliteit in een regio die al lange tijd gekenmerkt wordt door conflicten en spanningen.