De eerste dictator in Albanië was Enver Hoxha, die vanaf 1944 tot aan zijn dood in 1985 aan de macht was. Hoxha was de leider van de Albanese communistische partij en vestigde een totalitair regime in het land.
Hoxha kwam aan de macht na de Tweede Wereldoorlog, toen Albanië werd bevrijd van de Duitse bezetting. Hij begon al snel met het consolideren van zijn macht door politieke tegenstanders te vervolgen en een cultus van persoonlijkheid rondom zichzelf op te bouwen. Hoxha voerde een repressief regime in, waarin politieke vrijheden werden onderdrukt en dissidenten werden vervolgd.
Onder Hoxha werd Albanië geïsoleerd van de buitenwereld en ontwikkelde het land zich tot een van de meest gesloten en arme landen van Europa. Hoxha voerde een beleid van gedwongen collectivisatie van landbouwgrond en industrialisatie, wat resulteerde in economische stagnatie en armoede voor de bevolking.
Hoxha was ook berucht om zijn paranoïde persoonlijkheid en zijn meedogenloze vervolging van politieke tegenstanders. Duizenden Albanezen werden gevangengezet, gemarteld of geëxecuteerd onder zijn bewind. Zijn regime werd gekenmerkt door repressie, censuur en propaganda.
Na de dood van Hoxha in 1985 kwam er een einde aan zijn dictatuur, maar de erfenis van zijn regime bleef nog lang voelbaar in Albanië. Het land moest zich herstellen van jaren van isolatie en onderdrukking en werken aan de opbouw van een democratische samenleving.
De eerste dictator in Albanië, Enver Hoxha, laat een complexe erfenis achter. Hoewel hij wordt gezien als een van de meest meedogenloze dictators van de 20e eeuw, wordt hij ook nog steeds vereerd door sommige Albanese nationalisten. Zijn regime heeft diepe sporen nagelaten in de geschiedenis van Albanië en zal nog lange tijd gevoeld worden.