Perkament werd gemaakt van dierenhuiden zoals die van schapen, geiten en kalveren. Deze huiden werden behandeld en bewerkt tot een dun en glad materiaal dat ideaal was om op te schrijven. Het proces van het maken van perkament was zeer arbeidsintensief en vereiste veel vakmanschap.
Het maken van perkament werd al in de oudheid toegepast en was lange tijd de meest gebruikte manier om documenten en boeken te vervaardigen. Het materiaal was duurzaam en kon eeuwenlang meegaan, waardoor belangrijke geschriften bewaard konden blijven voor toekomstige generaties.
In de middeleeuwen werd perkament veelvuldig gebruikt door monniken en kopiisten om bijvoorbeeld Bijbels en andere religieuze teksten te schrijven en te illustreren. Het was een kostbaar materiaal en werd dan ook zorgvuldig behandeld en bewaard.
Het gebruik van perkament nam af met de komst van papier en de uitvinding van de boekdrukkunst in de vijftiende eeuw. Papier was goedkoper en makkelijker te produceren, waardoor het perkament langzaam uit de gratie raakte. Tegenwoordig wordt perkament voornamelijk nog gebruikt voor speciale doeleinden, zoals diplomatieke documenten en kunstwerken.
Perkament blijft echter een fascinerend materiaal met een rijke geschiedenis en een unieke uitstraling. Het vakmanschap dat kwam kijken bij het maken van perkament is vandaag de dag nog steeds bewonderenswaardig en laat zien hoe inventief en creatief onze voorouders waren.