Van 1309 tot 1376 was de Franse stad Avignon de residentie van de pausen. Deze periode staat bekend als het Avignonese pausschap, waarbij zeven pausen hun zetel hadden in Avignon in plaats van Rome.
Deze verhuizing van de pauselijke zetel naar Avignon vond plaats als gevolg van politieke onrust in Italië en de invloed van de Franse koningen op de pauselijke verkiezingen. In 1309 werd paus Clemens V verkozen tot paus en hij besloot zijn residentie te verplaatsen naar Avignon, dat destijds onder Franse heerschappij stond.
Gedurende deze periode groeide Avignon uit tot een belangrijk centrum van de Katholieke Kerk en werd het bekend om zijn prachtige pauselijke paleizen en kathedralen. De pausen en hun hofhouding leefden hier in weelde en luxe, wat bij sommigen tot kritiek leidde vanwege het vermeende gebrek aan spiritualiteit en nederigheid.
Het Avignonese pausschap eindigde in 1376 toen paus Gregorius XI besloot terug te keren naar Rome. Zijn opvolger, paus Urbanus VI, werd in Rome verkozen en vestigde daar weer de pauselijke zetel. Deze gebeurtenis markeerde het einde van een belangrijke periode in de geschiedenis van de Katholieke Kerk en het pausschap.
Tegenwoordig herinneren de prachtige pauselijke paleizen en kerken in Avignon nog steeds aan deze periode van pauselijke residentie. De stad staat bekend om haar rijke historie en cultureel erfgoed, en trekt jaarlijks vele toeristen die geïnteresseerd zijn in de geschiedenis van het Avignonese pausschap.